Het is uiteraard alleen mogelijk elektrische auto’s op te laden met het laadpunt. Laadtransacties met de auto zijn eenvoudig te starten en stoppen op de volgende manier:

U:MOVE

Om te kunnen laden moet de laadkabel verbonden zijn met de auto en het laadpunt. Als het laadpunt goed verbonden is met het laadpunt, dan kleuren de leds bij de kabel groen.

Als het laadpunt niet op Plug & Charge is ingesteld, dan moet de gebruiker zich identificeren met een laadpas of druppel. Als het laadpunt de laadpas of druppel herkent, dan geeft het laadpunt een piepsignaal. Vervolgens wordt getoetst of het laadpunt bekend is bij het laadpunt en/of backoffice. De identificatie leds kunnen even groen knipperen. Als de laadpas of druppel is geaccepteerd, dan is het laadpunt klaar om te laden. Zodra de auto opdracht geeft om te beginnen, zal het laden gestart worden.

De volgorde van de handelingen maakt niet uit. Het is ook mogelijk om eerst te identificeren met de pas en daarna pas de kabel te bevestigen.

Een laadsessie kan gestopt worden door dezelfde laadpas of druppel voor het laadpunt te houden. Het laadpunt geeft een geluidssignaal als de laadpas of druppel wordt herkend. De identificatie leds kunnen even groen knipperen. Als het de juiste laadpas is worden de leds van de laadpas groen en wordt de kabel vrijgegeven. De kabel kan vervolgens uit het laadpunt worden gehaald.

HIDDEN

Bij een Hidden laadpunt kan het zijn dat - doordat het laadpunt verborgen is - er geen manier is voor de gebruiker om zich te identificeren door de laadpas of laaddruppel voor het laadpunt te houden. In dat geval kan de app gebruikt worden om een laadsessie te starten geregistreerd op een specifieke pas.

Heb je het antwoord gevonden?